Concertprogramma "Herfstkleuren"

Symfonie nr. 31, W.A. Mozart

VSO

W.A. Mozart Mozart schreef de bekende ‘Parijse’ symfonie in D-groot in 1778 voor de Parijse Concerts Spirituels van Joseph Les Gros. De eerste repetitie van de symfonie zou op 12 juni van datzelfde jaar plaatsvinden. In de brieven aan zijn vader beschrijft Mozart de zeer tegenvallende repetitie en lucht hij zijn gemoed: "Indien het concert zo slecht gaat als tijdens de repetitie ben ik ertoe in staat de viool van de aanvoerder te nemen en het concert verder zelf te leiden!".

Het concert op 18 juni werd echter een groot succes en Les Gros was enthousiast. Dat de symfonie warm ontvangen zou worden, lag in de lijn van Mozarts verwachtingen. Uit zijn brieven blijkt dat hij zijn symfonisch idioom enigszins had aangepast aan de toenmalige Parijse wensen. Zo dreef hij in brieven aan zijn vader de spot met de in Parijs zo populaire ‘premier coup d’archet’, maar zorgde hij er wel voor deze toe te passen in het eerste deel:

De ‘premier coup d’archet’ betekent letterlijk: de eerste streek van de strijkstok. In Parijs werd hiermee in die dagen gerefereerd aan het populaire gebruik om een symfonie te beginnen met een door het orkest in unisono gespeelde forte passage. Naast deze truc volgde er in het eerste deel het nodige briljante passagewerk, wat tot grote geestdrift bij de Parijzenaars leidde.

Ook het laatste deel leidde tot grote bijval doordat Mozart daar, nu juist afwijkend van het Parijse verwachtingspatroon, het orkest niet forte en unisono liet beginnen, maar alleen de violen liet inzetten met een zachte inleiding, pas na acht maten gevolgd door de forte passage. Mozart: "Het publiek, zoals ik al verwachtte, zei ‘Shh!’ tijdens de zachte inleiding, maar zo snel als ze de daaropvolgende forte passage hoorden, begonnen ze luid te klappen".

Over de componist

Wolfgang Amadeus Mozart (Salzburg, 27 januari 1756 – Wenen, 5 december 1791), eigenlijk Johannes Chrysostomus Wolfgangus Theophilus Mozart, was een componist, pianist, en dirigent van klassieke muziek. W.A. Mozart wordt algemeen beschouwd als een muzikaal wonderkind (hoewel hij pas als rijpe tiener zijn betere werk begon te componeren) en één van de allergrootste componisten. Zijn werk heeft veel invloed gehad op latere componisten, met name Ludwig van Beethoven en Johannes Brahms.

Pelléas et Mélisande, Gabriel Fauré

TSO

Pelléas et Mélisande, Gabriel Fauré Pelléas et Mélisande is een toneelstuk van de Belgische toneelschrijver Maurice Maeterlinck. Het ging op 16 mei 1893 in première in het Théâtre des Bouffes-Parisiens. Het is een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het symbolisme en is een belangrijke inspiratiebron geweest voor verschillende componisten: Claude Debussy bewerkte het stuk in 1902 tot zijn enige opera, Arnold Schönberg in 1905 tot een symfonisch gedicht en Gabriel Fauré en Jean Sibelius maakten er in 1898 respectievelijk 1905 toneelmuziek bij.

Pelléas et Mélisande vertelt de tragische geschiedenis van een driehoeksrelatie tegen de achtergrond van een symbolistisch sprookje. Golaud, kleinzoon van koning Arkel, verdwaalt tijdens de jacht in het bos en treft daar het schuchtere meisje Mélisande aan. Haar kwetsbaarheid oefent een grote aantrekkingskracht uit op de prins. Nadat Golaud het meisje naar het kasteel van zijn grootvader heeft gebracht, treft Mélisande Golauds halfbroer Pelléas aan. Tussen Pelléas en Mélisande bloeit spoedig een fatale genegenheid, een dodelijke zielsverwantschap op. Golaud krijgt lucht van hun heimelijke ontmoetingen en doodt zijn broer...Mélisande sterft in het kraambed.

Over de componist

Gabriel Fauré Gabriel Fauré werd geboren op 12 mei 1845 in Pamiers, in zuid-Frankrijk. Hij was het zesde en laatste kind van Toussaint en Marie Fauré. Zijn jeugd was harmonisch en zijn muzikale talenten werden al vroeg duidelijk door de manier waarop hij het harmonium in de kerk en op piano's improviseerde.

Een belangrijk deel van Fauré's muzikale ontwikkeling was te danken aan zijn omgang met invloedrijke vrienden, beroemdheden die hij ontmoette in de salons in Parijs. Zijn vrienden hielpen hem zijn muziek te publiceren, moedigden hem aan en hielpen hem aan teksten die hij kon gebruiken.

In 1877 werd hij, dank zij de invloed van Saint Saëns en Gounod, koordirigent van de Madeleine in Parijs.

Zijn gezondheid liet te wensen over. In latere jaren ging zijn gehoor achteruit, wat niet alleen een probleem was bij het componeren, maar ook bij zijn werk aan het conservatorium, waar het uiteindelijk gaat om het beoordeling van de uitgevoerde muziek. Zijn laatste composities heeft hij zelf niet meer kunnen horen.

In 1920, op 75-jarige leeftijd, trok hij zich terug van het conservatorium. Hij overleed in 1924 en ontving een staatsbegrafenis in de Madeleine, waarbij zijn Requiem klonk.

Rückert Lieder, G. Mahler

TSO en VSO

Gustav Mahler De Rückert-Lieder zijn een vijftal zelfstandige liederen van Gustav Mahler, getoonzet op gedichten van de Duitse dichter Friedrich Rückert (1788-1866). Het eerste dateert uit 1901, het jaar waarin Mahler in het huwelijk trad met Alma Schindler. Vanaf deze tijd tot de Achtste symfonie zette Mahler uitsluitend gedichten van Rückert op muziek.

Van de liederen bestaat een versie met pianobegeleiding en een orkestversie. De tekst van de vier Rückert-Lieder zijn hieronder te vinden. De soliste in dit werk is Fenna Ograjensek.

Liebst du um Schönheit

Liebst du um Schönheit,
O nicht mich liebe!
Liebe die Sonne,
Sie trägt ein gold'nes Haar!

Liebst du um Jugend,
O nicht mich liebe!
Liebe den Frühling,
Der jung ist jedes Jahr!

Liebst du um Schätze,
O nicht mich liebe!
Liebe die Meerfrau,
Sie hat viel Perlen klar!

Liebst du um Liebe,
O ja mich liebe!
Liebe mich immer,
Dich lieb' ich immerdar!

Ich atmet' einen linden Duft

Ich atmet' einen linden Duft!
Im Zimmer stand ein Zweig der Linde,
Ein Angebinde von lieber Hand.
Wie lieblich war der Lindenduft!

Wie lieblich war der Lindenduft,
Das Lindenreis brachst du gelinde!
Icht atme leis im Duft der Linde.
Der Liebe linden Duft.

Um Mitternacht

Um Mitternacht
Hab' ich gewacht
Und aufgeblickt zum Himmel!
Kein Stern vom Sterngewimmel
Hat mir gelacht
Um Mitternacht!

Um Mitternacht
Hab' ich gedacht
Hinaus in dunkle Schranken!
Es hat kein Lichtgedanken
Mir Trost gebracht
Um Mitternacht!

Um Mitternacht
Nahm ich in Acht
Die Schläge meines Herzens;
Ein einz'ger Puls des Schmerzens
War angefacht
Um Mitternacht.

Um Mitternacht
Kämpft' ich die Schlacht,
O Menschheit, deiner Leiden.
Nicht konnt' ich sie entscheiden
Mit meiner Macht
Um Mitternacht.

Um Mitternacht
Hab' ich die Macht
In deine Hand gegeben!
Herr über Tod und Leben:
Du hältst die Wacht
Um Mitternacht!

Ich bin der Welt abhanden gekommen

Ich bin der Welt abhanden gekommen,
Mit der ich sonst viele Zeit verdorben;
Sie hat so lange nichts von mir vernommen,
Sie mag wohl glauben, ich sei gestorben!

Es ist mir auch gar nichts daran gelegen,
Ob sie mich für gestorben hält.
Ich kann auch gar nichts sagen dagegen,
Denn wirklich bin ich gestorben der Welt.

Ich bin gestorben dem Weltgetümmel
Und ruh' in einem stillen Gebiet!
Ich leb' allein in meinem Himmel,
In meinem Lieben, in meinem Lied!

Over de soliste

Fenna Ograjensek Fenna Ograjensek, mezzo sopraan, komt uit Nederland en behaalde haar Masters in Music aan het Maastrichtse conservatorium en een Graduate Diploma aan The Juilliard School in New York. Haar repertoire bevat rollen als Prinz Orlofsky in Die Fledermaus, Charlotte in Werther en Dorabella in Cosi fan tutte. Ze heeft opgetreden met Opera Zuid in Monteverdi's L'Orfeo en Puccini's La Fanciulla del West.

Van 2004 tot 2006 was Fenna een Young Artist bij de Florida Grand Opera in Miami en trad op als Dinah, Kate Pinkerton, Dritte Dame, Alisa, Wowkle en Giovanna. In the Young Artist Scene Showcase was ze Dulcinée, Maddalena, Béatrice en Giovanna Seymour.

In de zomer van 2005 was ze Moppett/First Wild Goose in Britten's Paul Bunyan met Central City Opera en vervolgde die rol in de herfst met Opera Omaha.

Haar concertrepertoire bevat naast componisten als Bach en Händel, Mozart's Requiem met het Orchestra of St. Luke's in Carnegie Hall, Mozart's Grosse Messe met de One World Symphony in New York, Mahler's Rückert Lieder met het Nederlands Promenade Orkest, Des Knaben Wunderhorn in Alice Tully Hall, New York en Mahler's Lieder eines fahrenden Gesellen in Maastricht.

Ook in het 20ste eeuwse repertoire voelt Fenna zich thuis en ze verscheen in uitvoeringen van o.a. Pierrot Lunaire, Infinito Nero met Muziektheater Transparant en Aap verslaat de Knekelgeest met Zomeropera Alden Biesen.

Afgelopen zomer speelde zij Dorabella bij het New Jersey Opera Theater, waar ze werd aangeprezen door publiek en pers ("... Ms. Ograjensek sang with solid control and a distinctive sound ... especially Fenna Ograjensek (Dorabella) had a wonderful way of projecting her characters' most unguarded moments, which allowed Mozart to transcend the stage and enter your consciousness.")

Vanaf de herfst 2006 heeft Fenna zich weer in Europa gevestigd. Op het programma staan o.a. Zweite Dame in Mozart's Zauberflöte en Suzy in La Rondine in de Amsterdam RAI en 2e Nymf in Dvorak's Rusalka bij Opera Zuid.

Symfonie nr. 4 - eerste deel, G. Mahler

VSO en TSO

De eerste drie delen van de Vierde Symfonie van Gustav Mahler zijn geschreven in de zomers van 1899 en 1900. Aangezien Mahler als dirigent aangesteld was aan de Weense Hofopera had hij alleen tijd in zijn korte vakantie om te componeren. Het vierde deel is later door hem toegevoegd, eigenlijk ontworpen als laatste deel van zijn Derde Symfonie. In het laatste deel is een sopraansolo verwerkt naar een lied uit de liederenverzameling "Des Knaben Wunderhorn" van Clemens Brentano.

Van deze symfonie zullen wij het eerste deel ten gehore brengen. Het eerste deel in sonatevorm wordt oorspronkelijk ingeleid door arresleebellen, waarna er een haast klassieke melodie wordt ingezet door de strijkers. Naderhand worden er steeds meer melodieën toegevoegd, waardoor er een heel vlechtwerk ontstaat van allerlei melodieën. Dan komt de muziek tot rust, waarna de inleiding opnieuw wordt ingezet. Hierbij wordt wat gevarieerd en er ontstaat een wat onrustige melodie in de blazers, die tenslotte weer kalmeert en overgaat in de doorwerking. Hier wordt de inleiding weer ingezet, maar nu met op de voorgrond een soloviool.

Over de componist

Gustav Mahler (Kaliště, 7 juli 1860 – Wenen, 18 mei 1911) was een Oostenrijks componist en dirigent van joodse afkomst. De uit Bohemen afkomstige Gustav Mahler was een van de belangrijkste dirigenten van zijn tijd, maar wordt tegenwoordig vooral gezien als de componist die de late romantiek verbonden heeft met de moderne periode van de klassieke muziek. Als dirigent was hij onder andere actief aan de operahuizen van Boedapest en Hamburg en aan de Hofoper te Wenen. In Wenen was hij tevens dirigent van de Wiener Philharmoniker.